Wat heeft 2015 in petto voor spaarder en belegger?

Wat heeft 2015 in petto voor spaarder en belegger?

Wat heeft 2015 in petto voor spaarder en belegger?

Beleggers werden het afgelopen jaar verwend. Net als in 2013. Het kon niet op: zowel aandelen, obligaties als vastgoed stegen in waarde. Rusland en Brazilië waren een spreekwoordelijke uitzondering, maar op andere beurzen vloeide op 31 december de champagne rijkelijk. Wordt 2015 een nieuw topjaar voor uw portefeuille? Dat is goed mogelijk. Maar zo gemakkelijk geld verdienen als in 2014 is onmogelijk.

 
Rente? Interest? Wat is dat ook alweer?

Een goed jaar voor beleggers, dat wel, maar voor de spaarder die angstvallig zijn centen op een spaarrekening hield was 2014 geen goed jaar. Hij kreeg immers nauwelijks interest. 2015 kondigt zich op dat vlak niet aan als een verbetering. Integendeel! De rente in euro, nu al historisch laag, zal nog wat dalen. Banken en bedrijven met veel cash betalen zelfs al om hun geld op een veilige plek te mogen parkeren. Ze worden geconfronteerd met een negatieve rente. Op de spaarrekening krijgen we weliswaar nog wat interest maar de opbrengst is en blijft verwaarloosbaar.

Wie rente wil, zal kasbons, staatsbons en bedrijfsobligaties moeten kopen. Maar let toch op. Ook de langetermijnrente is nu historisch laag. Willen we echt een staatsbon die tien jaar lang amper 1 procent per jaar opbrengt? Neen, toch? Toegegeven, de langetermijnrente kan nog wat lager, vooral omdat de Europese Centrale Bank wellicht nog voor honderden miljarden euro’s obligaties zal opkopen. Maar daarna zal de rente weer stijgen. Wie dan met een portefeuille vol obligaties zit, zal verlies lijden. Mathematisch is het zowat onmogelijk dat de obligatieprijzen in 2015 even hard zullen stijgen als in 2014. De Duitse tienjaarsrente daalde van 1,90 procent tot 0,70 procent. Een even sterke stijging van de obligatieprijzen zou betekenen dat de rente op tienjarige Duitse staatsleningen zou dalen van 0,70 procent tot -0,50 procent. Dat zien we niet gebeuren.

Schuiven met obligaties

Een belegging in obligaties hoort erbij, voor iedere portefeuille. Maar vergeet niet om de komende maanden winst te nemen op uw obligaties. Verkoop langlopende obligaties in euro en koop er kortlopende obligaties mee. Die brengen weliswaar niet veel op, maar zullen stabieler blijken als de rente weer stijgt. Ze zullen doen wat je ervan verwacht, namelijk een buffer vormen in uw portefeuille. Koop ook kortlopende dollarobligaties. De dollar steeg in 2014 zowat tien procent in waarde ten opzichte van de euro. In 2015 wordt een vergelijkbare prestatie verwacht van de Amerikaanse munt. U mag dan al weinig rente krijgen, aan de koersklim van de dollar kunt u wel wat verdienen. Een deel van de obligatieportefeuille kan herbelegd worden in ondergewaardeerde (dollar)obligaties van groeilanden, een deel zou belegd kunnen worden in converteerbare obligaties. Dat zijn obligaties die door de belegger kunnen worden omgezet in aandelen. Het is een belegging in ‘het beste van twee werelden’: u kiest enerzijds voor de relatieve veiligheid van een obligatie maar pikt tegelijkertijd een graantje mee van de mogelijke stijging van het onderliggende aandeel.

Aandelenbeurzen: is een crash nabij?

Zijn de beurzen niet te ver vooruitgelopen op een stijging van de economische activiteit? Moeten we een crash vrezen, zoals in 2008 (bankencrisis) of 2000 (technologiezeepbel)? Neen. De Amerikaanse beurzen staan weliswaar op een nieuw historisch record, maar de winsten van Amerikaanse bedrijven zijn dan ook mooi gestegen. In het derde kwartaal is de Amerikaanse economie alweer sterk gegroeid. Ook in 2015 zou de VS op economisch vlak een sterke prestatie moeten kunnen neerzetten. De werkloosheid is bijna gedaald tot een aanvaardbaar niveau en iedere maand worden in de VS gemiddeld 200.000 nieuwe banen gecreëerd. Dat schept vertrouwen bij consumenten, ondernemers en dus ook beleggers.

Europa uit de crisis

Zover is het bij ons nog niet. De economische groei in onze contreien blijft beperkt. Dat was zo in 2014 en het zal in 2015 niet veel beter zijn. De toonaangevende instellingen hebben hun prognoses onlangs zelfs nog negatief aangepast: de groei zou volgend jaar nog wat lager uitvallen dan we al dachten. Besparingen en stakingen alom, een weinig rooskleurige arbeidsmarkt, problemen in Griekenland en Rusland,… Het ziet er allemaal niet goed uit. En toch durf ik hier met veel realisme en een dosis optimisme licht te zien aan het einde van de tunnel. De lage olieprijs levert heel wat van onze bedrijven namelijk een onverwachte besparing op. Die komt bovenop de voordelige financieringskost als gevolg van de extreem lage rente. De stijging van de dollar is ook al een meevaller voor exporteurs en Europese bedrijven met filialen in de VS. Die factoren, in combinatie met een aantal structurele maatregelen die Europese overheden hebben doorgevoerd, zouden onze economie er weer bovenop moeten helpen. Dat lijkt me een goede reden om het gewicht van Europese aandelen in de portefeuille te vergroten. Hou er ook rekening mee dat de beurs steeds de neiging heeft om wat vooruit te lopen op de heropleving van de economische activiteit.

Beleggingsthema’s voor 2015

Het lijkt wel alsof we China afgeschreven hebben. Een economische groei van zowat 7 procent vinden we te laag. Hoezo? Zeven procent groei bovenop de sterke groeicijfers die we de afgelopen jaren al uit China kregen is nog steeds fenomenaal. China en Azië mogen dan ook niet ontbreken in portefeuille. Net als Europese aandelen zouden Chinese aandelen wel eens kunnen zorgen voor de verrassing van 2015!

 
Pascal Paepen
Columnist & Docent Bank en beurs aan de KU Leuven, Campus Brussel en de Thomas More Hogeschool