Nieuwe meerwaardebelasting vanaf 2026
Update: 12 maart 2026
Vanaf 1 januari 2026 voert België een meerwaardebelasting in op financiële activa. Het wetsontwerp daartoe werd op 27 januari 2026 in eerste lezing goedgekeurd in de Commissie Financiën. Een tweede lezing is voorzien in de tweede helft van maart 2026 en een finale stemming in de Kamer in de eerste helft van april 2026.
1. Wie is onderhevig aan de meerwaardebelasting?
De meerwaardebelasting zal van toepassing zijn op particulieren die onderworpen zijn aan de Belgische personenbelasting en, op enkele uitzonderingen na, op entiteiten die onderworpen zijn aan de rechtspersonenbelasting (vzw's en stichtingen). Feitelijke verenigingen zonder rechtspersoonlijkheid vallen ook onder de regeling van de meerwaardebelasting.
Niet-ingezeten (niet-resident) natuurlijke personen en vennootschappen die onderworpen zijn aan de vennootschapsbelasting (ingezeten of niet-ingezeten) zijn niet onderworpen aan deze meerwaardebelasting.
2. Welke financiële activa zijn onderhevig aan de meerwaardebelasting?
Volgende financiële activa zijn onderhevig aan de meerwaardebelasting:
- Aandelen
- Obligaties
- Staatsbons
- Kasbons
- Gestructureerde producten
- Beleggingsfondsen
- Trackers (ETF's)
- Crypto-activa
- Derivaten of afgeleide producten (opties, swaps…)
- Goud als belegging
Ook spaar- en beleggingsverzekeringen (Tak 21, 23, 26 en 44) vallen hieronder. De meerwaardebelasting op deze producten zal geïnd worden door de verzekeraar (indien het een Belgische verzekeraar betreft). Voor meer informatie verwijzen wij naar de website van de verzekeraar ACM.
3. Welke financiële activa vallen niet onder de meerwaardebelasting?
Bepaalde financiële activa zijn niet onderworpen aan de meerwaardebelasting. Een algemene vrijstelling geldt voor activa die recht geven op een belastingvermindering in het kader van langetermijnsparen. Het gaat om:
- Pensioenspaarproducten (bijvoorbeeld Metropolitan Rentastro) en levensverzekeringen met belastingvermindering (derde pensioenpijler)
- VAPZ, IPT en groepsverzekeringen (tweede pensioenpijler).
4. Hoe wordt de meerwaardebelasting berekend?
Het gaat om een belasting van 10% op de gerealiseerde meerwaarde bij de verkoop van bovenvermelde financiële activa.
Voor financiële activa die vóór 1 januari 2026 zijn verworven, wordt de belasting op meerwaarden geheven op het positieve verschil tussen de verkoopprijs en de waarde van het financiële product op 31 december 2025.
Voor financiële activa die vanaf 1 januari 2026 worden verworven, wordt de meerwaardebelasting geheven op het positieve verschil tussen de verkoopprijs en de aankoopprijs.
De meerwaardebelasting wordt alleen geheven bij verkoop en realisatie van een meerwaarde. (Beurs)belastingen of kosten worden niet in aanmerking genomen.
5. Vanaf wanneer worden meerwaarden in rekening gebracht?
Op 31 december 2025 werd een “foto” genomen van de waardering van de financiële activa die bij de Bank in portefeuille waren. Andere financiële tussenpersonen, zoals verzekeraars, zijn op dezelfde manier te werk gegaan. Alleen de meerwaarden die vanaf die datum zijn gerealiseerd, worden belast. Meerwaarden die vóór 31/12/2025 zijn gerealiseerd, worden niet in aanmerking genomen!
Als u activa hebt gekocht voor een prijs die hoger is dan de koers op 31 december 2025, kunt u deze prijs doen gelden, maar u moet dit zelf regelen. De wet voorziet namelijk in de mogelijkheid om voor financiële activa die vóór 1 januari 2026 zijn verworven en vóór 1 januari 2031 zijn verkocht, in de belastingaangifte de werkelijke aankoopwaarde van de activa op te geven in plaats van de op 31 december 2025 vastgestelde waardering. De berekening gaat dan uit van de gemiddelde aankoopwaarde per financieel actief. Het spreekt voor zich dat dit alleen voordelig is als de werkelijke aankoopwaarde hoger is dan de waarde op 31 december 2025.
De Bank berekent standaard de meerwaardebelasting op basis van de koers op 31 december 2025. Het is aan u om in uw belastingaangifte aan te tonen dat de financiële producten in werkelijkheid tegen een hogere koers werden gekocht.
6. Wat met eventuele verliezen of minderwaarden?
Verkoopt u een financieel actief met verlies? In dat geval wordt er uiteraard geen belasting op de meerwaarde geheven. U betaalt alleen belasting als er een meerwaarde wordt gerealiseerd.
Minderwaarden kunnen worden afgetrokken van meerwaarden. Dat is echter alleen mogelijk als de minderwaarden en meerwaarden in hetzelfde jaar worden gerealiseerd. De aftrek van minderwaarden gebeurt via de belastingaangifte. Als belegger moet u deze minderwaarden zelf aangeven.
Realiseerde en opgebouwde minderwaarden vóór 31 december 2025 kunnen in geen geval in aanmerking worden genomen. Vanaf 2031 zal de waarde van het financieel product op het moment van de ‘momentopname’ op 31 december 2025 altijd als basis dienen, zelfs als deze lager is dan uw oorspronkelijke aankoopprijs.
7. Hoe kan de jaarlijkse vrijstelling benut worden?
De wet voorziet in een vrijstelling van 10.000 EUR per jaar en per persoon op gerealiseerde meerwaarden. Deze vrijstelling wordt jaarlijks geïndexeerd. Als u in jaar X geen gebruik maakt van deze vrijstelling, wordt de vrijstelling het volgende jaar met 1.000 EUR verhoogd (bedrag eveneens jaarlijks geïndexeerd), en dit gedurende maximaal 5 jaar. De maximale totale vrijstelling bedraagt dus 15.000 EUR per persoon. Voor gehuwde koppels met een gemeenschappelijk vermogen kan de vrijstelling dus oplopen tot 30.000 EUR.
Om van deze vrijstelling te genieten, moet u die aanvragen via uw belastingaangifte.
8. Wat met de reeds bestaande belastingen?
De nieuwe belasting op meerwaarden komt bovenop het bestaande fiscale kader en vervangt geen van de huidige belastingen. Voor beleggers betekent dit dat er verschillende vormen van belasting naast elkaar zullen bestaan. Een goed begrip van deze combinatie is essentieel om verrassingen te voorkomen.
9. Hoe zal de meerwaardebelasting betaald worden?
De Bank zal u binnenkort de keuze bieden tussen één van de volgende opties:
- OPT-IN (standaard): Bij de verkoop van een belastbaar financieel product, zal de Bank instaan voor de inhouding van de meerwaardebelasting van 10% op de gerealiseerde meerwaarde(n) en de doorstorting naar de fiscus verzorgen. Als de meerwaarden door de Bank belast worden, heeft u dan nog twee keuzes. Ofwel geeft u deze meerwaarden aan in uw belastingaangifte gebruik makend van de vrijstelling. Ofwel beslist u niets aan te geven, maar dan verliest u wel de mogelijke vrijstelling. De Bank zal geen overzicht bezorgen aan de fiscus.
- OPT-OUT: U kiest ervoor dat de Bank de meerwaardebelasting niet inhoudt. U bent dan wel verplicht de meerwaarde(n) zelf aan te geven in uw belastingaangifte. Bij de keuze voor OPT-OUT is de bank wettelijk verplicht om een overzicht te bezorgen aan de fiscus. Let op: dit betekent niet dat de meerwaarden automatisch opgenomen worden in uw aangifte. U zal deze nog altijd zelf moeten invullen.
De keuze voor OPT-IN/OPT-OUT geldt per effectenrekening. Indien u titularis bent van meerdere effectenrekeningen moet u hier rekening mee houden.
10. Hoe zal de meerwaardebelasting voor de spaar- en beleggingsverzekeringen betaald worden?
De OPT-IN/OPT-OUT-keuze geldt voor elke verkooptransactie (afkoop, gedeeltelijke afkoop, overdracht van reserves van contract A naar contract B) voor spaar- en levensverzekeringen. Bij deze verrichting, die aanleiding kan geven tot meerwaardebelasting, zal de verzekeraar u vragen welke keuze u maakt. Voor meer informatie kunt u terecht op de website van ACM.
11. Wat gebeurt er tijdens de overgangsperiode?
De regering heeft een overgangsperiode voorzien van 1 januari 2026 tot 31 mei 2026. Tijdens deze periode zullen banken (of andere financiële tussenpersonen) geen
belasting op meerwaarden inhouden en geen aangifte doen bij de fiscale administratie.
Toch zullen meerwaarden die vanaf 1 januari 2026 worden gerealiseerd, belastbaar zijn.
Concreet betekent dit dat u de tijdens de overgangsperiode gerealiseerde meerwaarden zelf moet aangeven in uw belastingaangifte.
12. Geldt de meerwaardebelasting ook voor ondernemers die de aandelen van hun zaak te gelde maken?
Voor aandeelhouders die individueel ten minste 20% eigenaar zijn van een bedrijf (het zogenaamde ‘aanmerkelijk belang’), werkt men met een getrapt systeem:
- Vrijstelling tot 1.000.000 EUR (slechts éénmaal om de vijf jaar van toepassing)
- Tussen € 1.000.000 en € 2.500.000: 1,25%
- Tussen € 2.500.000 en € 5.000.000: 2,5%
- Tussen € 5.000.000 en € 10.000.000: 5%
- Boven € 10.000.000 geldt het algemene tarief van 10%.
Deze gunstigere regeling is enkel van toepassing wanneer het geen interne meerwaarden betreft.
13. Wat in geval van een erfenis of schenking?
Noch schenkingen, noch eigendomsoverdrachten in geval van overlijden worden beschouwd als transacties die aanleiding geven tot een meerwaardebelasting. Er zal echter wel een belasting worden geheven op de meerwaarden die worden gerealiseerd bij de latere verkoop van geërfde of geschonken financiële activa.
Wanneer de activa werden verkregen door de belastingplichtige bij wijze van erfenis of van schenking wordt teruggegrepen naar de aanschaffingswaarde van de schenker of overledenen.
14. Wat met de meerwaarden gerealiseerd bij een buitenlandse broker?
De buitenlandse broker berekent en houdt geen meerwaardebelasting in. Concreet komt dit neer op het OPT-OUT-principe. Dat betekent dat u alles zelf moet regelen, zelf de berekening moet uitvoeren en de meerwaarde(n) in uw belastingaangifte moet aangeven.
Wij volgen de evoluties en de publicatie van de finale teksten van dichtbij op. In de loop van de komende weken en maanden zullen wij bijkomende informatie delen met betrekking tot de potentiële impact op uw financiële situatie.
De bovenstaande informatie vormt een algemeen overzicht van de aangekondigde fiscale maatregelen met betrekking tot de invoering van een belasting op meerwaarden op financiële activa in België. Deze informatie wordt uitsluitend ter informatie verstrekt en vormt geen persoonlijk fiscaal, juridisch of financieel advies, noch een beleggingsaanbeveling. De beschreven regels zijn gebaseerd op de wetsteksten en wetsontwerpen die op de datum van publicatie bekend waren. Ze kunnen tijdens het wetgevingsproces of door latere uitvoeringsmaatregelen worden gewijzigd.
De concrete toepassing hangt af van uw persoonlijke, vermogens- en fiscale situatie. Wij raden u aan uw fiscaal of juridisch adviseur te raadplegen alvorens een beslissing te nemen.
Beobank kan niet aansprakelijk worden gesteld voor eventuele onjuistheden, weglatingen of gevolgen die voortvloeien uit het gebruik van de informatie in dit document.